(tussen haakjes) 27: ‘Gansch het raderwerk / Een Verbond van Edele Azijnpissers

zaterdag 18 december 2010 19:02

Gansch het raderwerk
staat stil als uw machtige arm het wil’. Herinnert u zich nog die prent van Albert Hahn tijdens de spoorwegstaking van 1903? Gisteren kwamen we er weer achter dat hiervoor helemaal geen machtige menselijke arm nodig is. Een stevige aanval van onschuldig ogende sneeuwkristallen zoals die op bijgaande foto, is in staat onze moderne maatschappij tijdelijk lam te leggen.

Toch zijn de kristallen op de foto maar een kleine selectie van een enorme variëteit aan sneeuwkristallen. Een oude volkswijsheid beweert dat geen twee sneeuwkristallen gelijk zijn. Dat kon wel eens dicht bij de waarheid komen. De grootste sneeuwkristallenexpert ter wereld, Kenneth Libbrecht, heeft een boek 'Snowflakes' uitgebracht, met 512 pagina’s aan foto’s en beschrijvingen van de meest uiteenlopende kristallen.  Hier kunt u zijn werk uitgebreid bewonderen. Voor zover ik kan nagaan beweert hij niet dat hij hiermee alle mogelijke soorten en variëteiten heeft beschreven.
Als je er goed over nadenkt dat al die sneeuwvlokken een individualiteit bezitten, beginnen je hersens te tollen; zeker als je erbij bedenkt dat ze niet alleen individualiteit bezitten, maar ook kunnen samenspannen om ons het leven tegelijk te verfraaien en zuur te maken.
Als u geïnteresseerd bent in de relatie tussen evolutie en sneeuwkristallen kunt u daar op internet interessante discussies over vinden. Toch blijft het voor mijn onwetenschappelijke brein moeilijk te bevatten dat de evolutie die toch al een aantal jaren aan de gang is en die zich erop richt om tot de meest doelmatige oplossingen te komen, voor sneeuw nog nooit verder is gekomen dan een onbekend aantal vormen en misschien zelfs moet accepteren dat sinds de schepping van de wereld er geen twee identieke sneeuwvlokken zijn geweest.  

Ik geloof graag wetenschappelijke verklaringen die iets zeggen over het ontstaan van sneeuw op bepaalde plaatsen en onder bepaalde omstandigheden en voorwaarden, maar die zeggen niets over het waarom van dit wonderlijke natuurverschijnsel en waarom juist zó. Ik heb sterk de indruk dat die wetenschappers nog steeds zoeken naar het antwoord op de vraag die God duizenden jaren geleden al aan Job heeft gesteld: “Zijt gij doorgedrongen tot de schatkamers van de sneeuw? En hebt gij de schatkamers van de hagel gezien?” Zie Job 38, vers 22 . In ditzelfde hoofdstuk staan nog wel meer vragen die ook voor de moderne mens nog hersenbrekers zijn.

Maar goed, al hebben we over de aard van sneeuw en het vallen ervan weinig te zeggen, we zullen er toch mee moeten leven. Daar kan de mens tot zijn recht komen in al zijn grootheid. Bijvoorbeeld door te zorgen voor goed en voldoende materieel om sneeuw te ruimen. Toch schijnt die grootheid ook weer tegen te vallen, als ik hoor dat er nu alweer gemeenten zijn die kermen omdat ze te weinig wegenzout hebben ingeslagen. Ik weet niet hoe het in Almere staat, maar ik hoop wel dat we hier, na de ervaringen in het begin van dit jaar, adequate voorzorgsmaatregelen hebben getroffen. Verder kunnen we onze menselijke grootheid natuurlijk ook tonen door niet alleen te klagen over wat de gemeente niet doet, maar door zelf de sneeuwschuiver of bezem ter hand te nemen om de stoep langs ons huis begaanbaar te maken voor voetgangers. Het is namelijk merkwaardig dat veel burgers, die overigens heel goed bekend zijn met het NIVEA-principe[1], dit zelf niet weten toe te passen op sneeuw voor hun huis. 

Het is mij niet alleen opgevallen, blijkt nu. Want deze week hoorde ik op de Politieke Markt, dat de bepaling in de APV dat burgers verantwoordelijk zijn voor het ijsvrij maken van hun stoep weer terug is van weg geweest. Dat is in elk geval een stap in de goede richting, ook al is aan het niet-nakomen van deze bepaling nog geen monetaire sanctie verbonden. Het wachten is nu op de eerste rechtszaak van een toevallige voorbijganger die op uw stoep is uitgegleden en iets gebroken heeft, omdat u niets heeft gedaan om dat te voorkomen.

 


  

Een Verbond van Edele Azijnpissers
Herinnert u zich Karel nog? Karel van Berlaymont bedoel ik? Hij was een Spaansgezind edelman die lid was van de Raad van Beroerten, heer van Floyon en Haultepenne, en baron van Hierges. In 1553 werd hij stadhouder van Namen. Hij werd gepromoveerd tot Graaf van Berlaymont, was erfschenker van Henegouwen, ridder in de Orde van het Gulden Vlies, opperjachtmeester van Brabant, Vlaanderen en Namen, lid van de Raad van State, voorzitter van de Raad van Financiën en soeverein-baljuw van het graafschap Namen[2]. Bovendien is het hoofdkantoor van de Europese Commissie naar hem vernoemd.
Maar daaraan heeft hij zijn populariteit bij ons niet te danken. Die heeft hij zich verworven met de onsterfelijke woorden: ‘Ne vous inquiétez pas Madame, ce ne sont que des pisseurs de vinaigre; Pardon Madame, ce ne sont que des gueux”.[3] Hij fluisterde dit vertrouwelijk in het oor van landvoogdes Margaretha van Parma, toen in 1566 het Eedverbond der Edelen, een soort adhoc volksvertegenwoordiging, een petitie aan haar wilde overhandigen, om een einde te maken aan de vervolging van protestanten. Helaas had Karel niet in de gaten dat zijn microfoon nog open stond en dat graaf Hendrik van Brederode zijn schampere opmerking had gehoord. Deze had een fijn gevoel voor public relations en zag meteen dat hij hier goud in handen had. Binnen de kortste keren lukte het hem om van de scheldnaam ‘Geus’ een erenaam te maken voor allen die zich daadwerkelijk gingen verzetten tegen de Spaanse tirannie. 

Vorige week werd het ons weer eens duidelijk gemaakt dat je nooit teveel van geschiedenis kunt weten. Deze keer was het niet een raadsheer of griffier die verzuimde de microfoon te controleren, maar de landvoogdes zelf. Met haar uitspraak dat raadsleden ‘azijnpissers’ waren, stond mevrouw Jorritsma al op youtube.com voordat het tot de betrokkenen zelf was doorgedrongen. Toen Ruud Pet het ook had gehoord, kende zijn verontwaardiging nauwelijks grenzen. Hij meende dat hij en Frits Huis als fractievoorzitters van de oppositie persoonlijk gediskwalificeerd waren door de burgemeester. Of de landvoogdes hem die eer niet gunde, of besloot dat aanval de beste vorm van verdediging is, weet ik niet. Wel dat ze haar verontschuldigingen heeft aangeboden en haar uitspraak in zoverre heeft verduidelijkt, dat deze niet (meer) specifiek op de oppositieleiders sloeg, maar op de gehele raad. Haar verklaring dat zij de opmerking gemaakt zou hebben in een vlaag van vermoeidheid na een drukke week, weerhield Ruud Pet er toch niet van om met een interpellatiedebat te dreigen.
Frits Huis reageerde relaxter; hij was bereid genoegen te nemen met de uitleg en excuses van Jorritsma. Hij ziet de humor van het voorval wel in, maar ziet liever geen herhaling. 

Zijn benadering spreekt mij wel aan, al zou ik zelf nog iets verder willen gaan. Ik zou de kwalificatie ‘azijnpissers’ voor raadsleden als een erenaam willen zien. De Raad mag bij het College dan wel eens zurig overkomen, maar wat verwacht een College eigenlijk van de Raad? Dat hij optreedt als het Halleluja-koor van Händel? Is de Raad er niet juist voor om de plannen van het college te beoordelen op hun (geestelijke) gezondheid, kwaliteit, haalbaarheid en betaalbaarheid? Azijn is daarbij een perfect hulpmiddel. Even googelen leert ons al snel dat azijn voorkomt in veel variëteiten en smaken en dat het de basis is van acetotherapie. Deze therapie combineert een aantal remedies die gebruik maken van organisch of natuurlijk zuur, waarvan azijn de belangrijkste is. De geneeskrachtige werking van azijn is immers al eeuwenlang bekend en geprezen. 

Hippocrates bijvoorbeeld gebruikte azijn bij het behandelen van wonden en allerlei infecties, bij oorklachten en huidaandoeningen. Het staat ook vast dat azijn een dodende werking heeft op pathogene of ziekteverwekkende stoffen. Zo is aangetoond dat azijn parasieten sneller vernietigt dan om het even welk ander middel. Australisch onderzoek heeft bewezen dat een beet van een kwal het best met azijn kan worden behandeld en in de volksgeneeskunde is azijn een veel gebruikte en uitstekende remedie tegen allerlei beten en steken. Hoe sneller de azijn wordt aangebracht, hoe beter het resultaat. Tot op heden is er nog geen wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de therapeutische waarde van azijn in de politiek, maar ervaringen in andere vakgebieden bieden een redelijke garantie dat azijn ook hier een heilzame uitwerking zal hebben. 

Na deze uiteenzetting zal het duidelijk zijn dat een College nooit genoeg azijnpissers kan hebben om de inherente kwaliteiten van haar voorstellen te optimaliseren en schadelijke neveneffecten te bestrijden.
Als raadslid mag men daarom trots zijn op de kwalificatie ‘Azijnpisser’ en ik stel daarom voor een Verbond van Edele Azijnpissers op te richten, waarvan alleen raadsleden volwaardig lid en fractieassistenten aspirant-lid mogen worden. Net als de Geuzen van weleer moet dit nieuwe verbond natuurlijk ook een eigen herkenningsteken hebben. In dit geval lijkt mij Manneken Pis het voor de hand liggende symbool, zoals de bedelzak dat voor de Geuzen was. De keuze voor een Belgisch symbool geeft ook aan dat, op een dieper niveau, het oude staatkundige ideaal van de Zeventien Provinciën in Almere in elk geval nog leeft. 

Je zou het Manneken kunnen verwerken in revers-, dasspelden of manchetknopen. Voor politici die afscheid hebben genomen van dergelijke elitaire versierselen, is er natuurlijk altijd de optie om het Manneken op de biceps of de bil te laten tatoeëren. Ik heb er wel begrip voor dat sommige vrouwelijke politici misschien moeite hebben met het dragen van zo’n agressief mannelijk herkenningsteken. Gelukkig is er voor hen een redelijk alternatief op de markt. Zij kunnen gebruik maken van de vrouwelijke variant van het Manneken: Jeanneke Pis. Politici die helemaal niets hebben met menselijke pisseurs of pisseuses hebben zelfs de mogelijkheid het hondje Zinneke Pis op te spelden. Helaas heeft onze raad nog geen vertegenwoordigers van de Partij voor de Dieren, maar we kunnen het in gedachten houden voor het geval dàt[4]

Het gaat immers niet om wie het doet, maar om de kwaliteit van de azijn. 

Gelukkig mocht ik donderdag alvast constateren dat de heren Pet en Huis de burgemeester van een passende repliek hebben gediend; met humor. 

Jelte Huizenga
ChristenUnie raadslid 2006-2010 

 


[1] Niet In Mijn Voor En Achtertuin.

[2] Het is blijkbaar niet door de PVV uitgevonden maar van alle eeuwen, dat mensen die tot de elite (willen) behoren meerdere functies tegelijk kunnen vervullen. Multitasking is dus alleen een nieuw woord voor een oud verschijnsel.

[3] Maakt u zich niet ongerust, Mevrouw, het zijn slechts azijnpissers; Pardon Mevrouw, het zijn slechts bedelaars.

[4] Voor technisch geïnteresseerden onder ons is er nu ook een leuk sierraadje in de handel in de vorm van een Manneken Pis dat je aan je mobieltje kunt hangen. Als er een sms of oproep binnenkomt, begint het op een strategisch gekozen plek druk te flitsen in diverse kleuren. Ik weet niet of de techniek al zover is gevorderd dat je deze activiteit kunt koppelen aan bepaalde nummers. Als dat wel mogelijk is, zou elk collegelid er een moeten aanschaffen.

 

« Terug